Grosses Sidelhorn

Grosses Sidelhorn

Berghaus Oberaar
Sinds begin juli werk ik op 2383 meter hoogte in de prachtige bergen van Zwitserland. Als ik geen wc’s poets, bedden verschoon of de vaatwasser in- en uitruim, sta ik direct buiten de deur op een bergpaadje! Ik hoef dus niet te bedenken wat ik op mijn vrije dag ga doen, alleen nog waar!

Die falsche Fährte
De huisberg is de Sidelhorn. Stiekem heeft die nog een grote broer: De Grosses Sidelhorn en dat is mijn doel voor vandaag. Na een klein stukje rood-wit gemarkeerd wandelpad sla ik bij de Bäregghütte rechtsaf en volg de blauw-witte markering. Het pad is meer een vaag spoor en verdwijnt al snel in een blokkenterrein. Boven mij zie ik meerdere groepjes mensen lopen die ik al snel inhaal. Nu ik dichterbij ben, begrijp ik waarom ze zo langzaam lopen: Elk groepje bestaat uit minstens een begeleider en een gehandicapte wandelaar die zijn uiterste concentratie nodig heeft om door het terrein te komen. De markering is inmiddels heel spaarzaam en ik volg instinctief het voorste groepje. De begeleider waarschuwt mij echter dat zij van de route zijn afgeweken en dat ik dus verkeerd loop. Gelukkig is het terrein redelijk overzichtelijk en kan ik na een korte traverse een stukje omhoog klauteren en daar zie ik zowaar weer een blauw-witte markering!


Kraxlspaß
Ik probeer nu de markeringen in de gaten te houden en na het kruisen van een paar sneeuwvelden kom ik op het Gestlerlicke. Hier staat een hutje, ingebouwd tussen de rotsen op een prachtige plek hoog boven het dal! Helaas zit er een dik hangslot op de deur. Vanaf hier gaat de route zonder markeringen westwaarts over de Aaregraat naar de top van de Grosses Sidelhorn. Er zit een drietal mensen voor mij op de graat, zodat ik een richting heb die ik aan kan houden. Al snel sta ik op een schuinliggend puntig rotsblok dat aan alle kanten steil naar beneden loopt. Ik loop weer terug en probeer te ontdekken of de route onderlangs loopt, maar dat is minstens dertig meter lager. Ik kom terug bij het rotsblok en zie dan opeens een schlingetje in een Sanduhr. Dan moet het toch de bedoeling zijn om hierlangs te gaan. Met mijn handen hou ik mijzelf aan de bovenrand van het blok vast en schuifel met mijn voeten over een richel naar rechts. Dan kan ik op een bandje stappen en volgt nog zo’n blok. Het is spannend, maar wel heel erg leuk! Vanaf hier gaat een grote blokkengraat omhoog en is het telkens zoeken naar de handigste weg.


Gipfelblick
In de routebeschrijving wordt geadviseerd om de grote rood-gele pilaar via de zuidkant te passeren. De pilaar kun je niet over het hoofd zien, maar toch sta ik nog net iets te hoog voor de uitwijkroute. Ik moet een klein stukje afklimmen en vind hier de enige markering in de route: een rode verfstreep. Als ik voorbij de pijler ben, moet ik de graat weer op zien te komen. Het blokkenterrein is heel onoverzichtelijk, maar ik ben inmiddels zo dicht achter het groepje voor mij, dat ik hen grotendeels kan volgen. Het is een Zwitserse man met twee jonge kinderen aan touw. Daardoor zijn zij iets langzamer en haal ik ze op het laatste stukje naar de top nog in. Ik maak een paar foto’s van hen, die ik ze later toestuur. Vanaf de top kun je Berghaus Oberaar waar ik werk net niet zien. Wel heb ik uitzicht op de grote jongens aan de oostkant van de Berner Alpen zoals de Oberaarhorn en de Finsteraarhorn.


Hochstgeschwindigkeit
Vanaf de top daal ik weer af richting Gestlerlicke. Het valt niet mee om de makkelijkste route te vinden en vlak voor de rood-gele pilaar ga ik te vroeg de graat af en beland in een puinhelling waar de permafrost zich al flink heeft teruggetrokken. Met wat schuifwerk kom ik weer op vaster blokkenterrein uit en kan ik met route zoeken verder. Vanaf de Gestlerlicke volg ik de Aaregraat verder naar het Oosten. Hier zijn wel blauw-witte markeringen, maar die zijn erg summier. Een paar keer sta ik op een rotsblok waar ik niet vanaf kom en telkens als ik denk dat dit wel het laatste topje is, komt er weer een volgende. Uiteindelijk kom ik uit op de Triebtenseelicke en vanaf hier loopt een goed wandelpad naar beneden naar de Triebtensee. Ik kan eindelijk volle bak naar beneden rennen en dat voelt geweldig! Veel sneeuwvelden zijn inmiddels gesmolten, dus de enige obstakels zijn de stenen en het water op het pad. Eenmaal boven de Triebtensee heb ik weer een prachtig uitzicht op de Oberaargletscher, maar mijn camera is al een tijdje leeg. Ik heb echter nog genoeg vrije dagen om hier nog eens terug te komen en de ontbrekende foto’s te maken!

De route

Heuvels van Huizen

Een tijdje geleden heb ik een ontzettend leuk trainingsgebied ontdekt waar je heerlijk je hoogtemeters in interval kunt trainen. Tussen Blaricum en Huizen ligt een bosgebied dat bestaat uit een langgerekte heuvelrug waar heel veel paadjes vanaf lopen. Het is bij mij vandaan dik een half uur rijden en voor mij de dichtstbijzijnde plek waar je leuk hoogtemeters kunt trainen anders dan op een trap!

Warm
Op een broeierige zondagochtend starten we vanaf het parkeerterrein bij de scouting. Ongewild lopen we de verkeerde kant op, waardoor we in ieder geval lekker opgewarmd bij het steilste gedeelte van de heuvels aankomen. We leggen onze bidons met water in de schaduw op een centrale plek en we kunnen los!

Heuvels van Huizen

Verkennen
In het eerste blok lopen we zoveel mogelijk verschillende paadjes op en weer af. Sommige zijn goed te doen, maar de geulen met zand zijn flink pittig. Berg op probeer ik te blijven rennen en korte felle pasjes te maken. Ik merk dat mijn arminzet hierbij heel erg helpt
om mijn benen in beweging te houden. Naar beneden zijn vooral de paadjes met wat boomwortels leuk, omdat je dan je voeten wat sneller moet optillen om niet te struikelen. Als we alle paadjes minstens een keer omhoog hebben gelopen, maken we op rustig tempo een groter rondje om weer even op adem te komen. Terug bij de bidons drinken we wat water en beginnen weer van voor af aan.

Techniek
Als ik me op een punt vergis en toevallig een ander pad insla, kom ik toch weer nieuwe steile paadjes tegen! Het is hier iets minder overzichtelijk, dus het kost me iets meer moeite om de paadjes ‘logisch’ te lopen.
De meeste van deze paadjes zijn bovenin heel erg steil en is het meer de hardloopbeweging die ik maak, dan dat er nog snelheid in zit.

 Herhaling!
Ondertussen staat de zon al flink te schijnen en begint het ook tussen de bomen erg warm te worden. Twee bidons zijn al leeg. We maken nog een setje af en lopen
bezweet en uitgelaten naar de auto. Hier ga ik zeker nog een keertje terug komen om te trainen!

Heuvels van Huizen

In zwarte omlijning de heuvels
In rode omlijning het parkeerterrein
Navigatie: Woensbergweg 5, Huizen. Parkeerterrein ligt tegenover dit adres in het bos.

Heuvels van Huizen

Even uitpuffen!

Viking Xtreme Trail

Viking Xtreme Trail

GPS-coördinaten
Iets met GPS-coördinaten, hardlopen en ‘asfalt is verboden’. Dat is het idee achter de Viking Xtreme Trail en dat lijkt mij wel wat! Het evenement vindt plaats op en rond de Posbank. Je krijgt een dag van te voren een zevental coördinaten waar de controleposten zijn, zodat je alvast een route kunt bedenken. Je mag zelf de volgorde en het aantal posten dat je bezoekt bedenken. Enige voorwaarde is dat je binnen zes uur weer binnen bent.

Viking Xtreme Trail
Viking Xtreme Trail

Onverhard
Zodra de coördinaten in mijn mailbox zitten, begint de voorpret. Routes knutselen vind ik altijd leuk! Het is nog best lastig om uit te vinden waar nu wel en geen asfalt ligt, of beter gezegd waar er een zandpad náást het asfalt ligt, maar uiteindelijk heb ik verschillende varianten ingetekend. Inladen in mijn horloge en ik ben er klaar voor.

Oriënteren
Een dag van te voren raakt mijn loopmaatje geblesseerd en ook het maatje van Carine is uitgevallen, dus gaan wij samen! Direct na de start waaiert het volledige lopersveld uit in het bos. Iedereen heeft zijn eigen route gemaakt en we komen tot onze eerste controlepost geen deelnemer tegen. Wel lopen we al heel snel van de ingetekende route af. Best lastig zo’n splitsing met 16 paadjes! Ook lastig is het dat we allebei een andere route hebben ingeladen. Carine vertrouwd echter volledig op mij en dat heeft ze vandaag geweten!

Controleposten
Doordat we de trail opdelen in stukjes van post naar post is het goed te overzien en telkens als we weer een knipje kunnen zetten, zijn we weer enthousiast om verder te gaan. De checkpoints zijn vooral op bekende plaatsen als de Elsberg, de brandtoren en de Emmapiramide. Op die laatste twee mogen we ook nog eens naar boven klimmen!

Ontmoeting
De temperatuur begint te stijgen en dat is op de open gedeeltes echt een killer. Gelukkig is er op elke post een grote jerrycan met water om de dorst te lessen. Na de Emmapiramide wacht ons de oversteek over de heide naar de Posbank. Vlak voordat we daar zijn, lopen we net verkeerd. Ik denk de route wel te weten, maar we lopen uiteindelijk een enorm stuk om. Door het bos, dat dan weer wel. Niet ver van het pad zien we ineens een dier staan. Ik denk eerst nog dat het een hond is, maar het is een wild zwijn dat rustig van het gras staat te genieten. Hij kijkt verstoord op als hij ons uiteindelijk opmerkt, loopt 20 meter verder en gaat achter een struik verder met eten. Wij kunnen inmiddels ook wel een opkikkertje gebruiken, maar eerst nog bij de Posbank zien te komen! Op de Posbank vinden we een uitgebreide verzorgingspost met snoep en limonade.

Limieten
Nu moeten we doorlopen om de limiettijd te halen. We proberen niet meer verkeerd lopen en de pas erin te houden. Dat laatste is nog best lastig met dik 30 kilometer in de benen. Nog een keer lopen we bijna verkeerd en een pad dat ik op de kaart gezien had, bestaat in het echt niet, maar we vinden de juiste route weer. In de buurt van de finish zien we opeens twee groepjes lopen die het er ook bijna op hebben zitten. We hebben nog 20 minuten. Dat moet lukken! Als we binnen komen hebben we nog 12 minuten over. Netjes gedaan dus! Na ons komen er nog meerdere deelnemers binnen de tijd over de finish. Er komt zelfs een iemand binnen op de minuut. Dat is helemaal strakke planning! Niet iedereen haalt de limiettijd, maar iedereen wordt met groot applaus onthaald. Wij hebben vijf van de zeven checkpoints gevonden, net geen 40 kilometer gelopen en ik ben dik tevreden over mezelf vandaag!

Vertical K-serie

Vertical K

Dinsdagochtend 28 november zie ik een aankondiging van de Vertical K-serie; binnen een maand op vier zaterdagen 1000 hoogtemeters maken. Eindelijk eens echte hoogtemeters en dat in Nederland! Ik twijfel wel, want wedstrijden, dat is niet echt mijn ding. Als ik al vrijwilliger ben bij een evenement slaap ik de hele week slecht, droom ik over foute wissels, mensen die door het ijs zakken, kortweg, alles wat er maar mis kan gaan. En als ik dan ook nog eens zelf moet presteren, wordt de stress nog hoger. Aan de andere kant, het is een challenge, ik hou wel van een beetje afzien en die hoogtemeters liggen mij wel. Veel tijd om me te bedenken heb ik niet, want er zijn maar een beperkt aantal plaatsen en voordat ik het weet, heb ik het aanmeldformulier ingevuld.

Het is november en de serie start in maart dus tijd voldoende om me voor te bereiden. Direct de week na de inschrijving raak ik echter weer geblesseerd aan mijn heup. Gelukkig duurt het dit keer geen half jaar voordat ik weer kan lopen, maar ik blijf voorzichtig en doe vooral veel krachttraining.

Op de ochtend van de eerste Vertical K zie ik op Facebook een promotiefilmpje waarbij een smalle metalen trap wordt opgerend. Niks trailrunschoenen dus, maar mijn nieuwe New Balance 880V mee! Ik heb geen flauw idee hoe lang ik er over ga doen, dus ik vind het lastig te bepalen hoeveel eten en drinken ik mee moet nemen. Ook de temperatuur stelt me nog even voor een dilemma. Het wordt lange mouwen plus korte mouwen, waarvan de eerste laag al snel uit kan. De wedstrijd zelf is gekkenwerk. Na drie keer de trap op ben ik de tel al kwijt. Constant word ik ingehaald, waarbij ik strak tegen de reling moet gaan hangen om de loper langs te laten gaan. Als ik een stuk of tien rondjes heb gelopen en me bedenk dat ik pas op een kwart zit, willen mijn benen niet meer. Toch ga ik door en door en door. Trap af gaat steeds beter, waarbij ik soms zelfs mensen kan inhalen. Diezelfde mensen halen mij dan weer in naar boven op datzelfde smalle trappetje. Tegen de tijd dat ik hoor dat ik er 43 rondjes op heb zitten, is het al heel rustig op de trap. Bijna iedereen is al klaar. Ik loop nog een stukje uit en verwacht dat die spierpijn nog wel komt.

Drie dagen lang loop ik als een pinguïn. De sportmasseur neemt me dan eens flink onder handen en moppert dat het de week ervoor er beter voor stond. Tegen de tijd dat het weer weekend is, voelen mijn benen weer prima.. Er volgen nu twee Vertical K-loze weekenden, die ik allebei in België doorbreng om te gaan klimmen. Uiteraard gaan mijn trailrunschoenen mee en zo kom ik toch nog aan wat prachtige trainingshoogtemeters! Het tweede weekend breekt er tijdens het klimmen een greep uit. Ik maak een kleine, maar erg onhandige voorklimmersval en bezeer mijn arm. Later blijkt mijn enkel er veel erger aan toe te zijn, want die is tijdens de val dubbel gegaan.

Ingetapet en wel sta ik het weekend erna in het bos bij Velp. Vandaag mogen we een heus trailpaadje op plus een uitzichttoren. Dit is meer het idee dat ik bij een Vertical K heb en ik ga weer vol goede moed van start. Bij het derde rondje kan ik niet meer. Mijn conditie lijkt wel nul en ik zie het niet zitten om nog 15 rondjes te moeten harken. Ik beloof mezelf dat ik vanaf rondje 5 met stokken mag lopen en dat gaat eigenlijk prima. De toren blijft het zwaarste stuk, maar met behulp van de leuningen kun je je benen flink ontzien. Na twaalf rondjes wordt het rustig op het parcours en zie ik dat je een prachtig uitzicht hebt vanaf de toren! Na achttien keer de bult op mag ook ik een beker cola gaan drinken en probeer ik het tape van mijn enkel te trekken. Niet alleen het tape gaat mee, maar ook reepjes vel. Dat zijn nog een tijdje heel irritante schuurplekjes.

De week erna mogen we van start in Landgraaf. Samen met Jesse en Justus reis ik af naar het Zuiden. Ik schrik behoorlijk als ik de trap zie die we straks op mogen. Wat een gevaarte! Onder getingel van de koeienbel mogen we los voor 13 rondjes naar boven en weer terug. Gelukkig is er een smal paadje naast de trap waar je flink vaart kunt maken naar beneden. Naar boven gaat echter steeds trager, want het is enorm warm. Langs ons heen wandelen dagjesmensen en rennen bootcampers van plateau naar plateau. Ook is er iemand hoogtemeters aan het trainen die mij telkens weer inhaalt. Na 13 rondjes ben ik ook echt wel klaar met het knijpen tegen de zon en mezelf die trappen opwerken.

De laatste Vertical K is in de skihal in Spaarnwoude en hier is een vrije inschrijving. Opeens sta ik met mensen aan de start die ik nog niet eerder gezien hebben. Ook lopen er veel deelnemers met een muts, dus onherkenbaar, rond. Gelukkig zijn er wel mensen die mij herkennen en me telkens als ze me inhalen aanmoedigen. Veel kan ik niet terug zeggen, want mijn longen hebben het al zwaar genoeg met ademhalen. Een paar keer moet ik echt stoppen van de hoestaanvallen, maar het lopen zelf gaat gelukkig best goed. Na 35 rondjes krijg ik felicitaties van Marc en ga ik in het halletje even zitten uithoesten.

Voor mijn gevoel heb ik best aardig gelopen. Uit de uitslagenlijst blijkt iets anders. Stonden er in eerdere lijsten altijd nog wel een paar mensen achter mij op de lijst, nu hebben ze de dames en heren gesplitst en ben ik een na laatste. Rationeel gezien weet ik dat ik alles heb gegeven wat mogelijk is. Mijn enkel was niet optimaal, maar daar had ik met lopen geen last van. Mijn longen waren niet helemaal schoon, maar of dat nou zoveel plaatsen had gescheeld? Psychisch geeft mij dit echter een grote knauw. Ik ben er nog weken chagrijnig om en verwijt mezelf dat ik toch mee heb gedaan. Ook het schrijven en publiceren van dit blog heeft daardoor even tijd nodig gehad. Ik kan niet meedraaien op dit niveau. Ik zal altijd een allroundsporter blijven die niet op één ding focust en er (dus?) niet goed in wordt. Ik zou niet nog een keer meedoen. Laat mij maar lekker mijn eigen hoogtemeterchallenge afronden, daar word ik veel gelukkiger van!

Fotocredits: MST, Marco Gouwens, Judith de Vos en Event-Photography

Trailrunweekend Eifel

Tijdens een trailrunweekend in Nideggen moet je natuurlijk even de burcht bezichtigen en een bezoekje brengen aan de plaatselijke Konditorei voor het meest overheerlijke gebak dat je ooit geproefd hebt. En je kunt er ook avontuurlijk klimmen op de Buntsandsteinrotsen .

Voor dit weekend hebben we meerdere gps-routes gemaakt en verzameld, zodat het nog lastig kiezen wordt! Voor vrijdagmiddag kiezen we een korte route langs een heleboel uitzichtpunten. Dat schiet natuurlijk niet op, maar geeft ons wel een mooi overzicht van de omgeving. Aan het einde van de bergrug die we volgen, mogen we volle bak naar beneden. Heerlijk om weer zo te kunnen lopen. Via een breed pad; de Wingerdweg komen we uiteindelijk weer bij het dorp terug. Hier worden de kuiten flink getest voordat we in het centrum terug zijn.

Eenmaal terug in de hut genieten we van onze Duitse trailvuurdoop en verwelkomen de andere trailers die nog binnen komen. Met het avondeten zijn we compleet en genieten we met zijn zestienen van de kookkunsten van Bianca! Er blijft geen kruimel over van de quiche en ook de worteltjescake gaat er in als zoete koek! Nu nog een trail uitzoeken voor morgen!

Als we ’s ochtends vroeg brood gaan halen, blijkt het flink gevroren te hebben. Alle autoruiten zijn bedekt met een laagje ijs. We hebben geen zin om te krabben, dus wandelen we naar de bakker bij Rewe. Naast brood halen we ook alvast soepgroente en slaan we wat repen in, zodat de boodschappentas loeizwaar is als we terug lopen. Onderweg draaien we af en toe een rondje om te wisselen van draagarm. Zo koud als het is, lopen we toch te zweten, want heuvel op is hier ook direct flink omhoog.

Na het ontbijt maken we een groepsfoto en vertrekken in verschillende groepjes de trails op. De paadjes zijn nog bevroren en op sommige gedeeltes moet je oppassen dat je je enkels heel houdt in de bevroren sporen. We lopen ‘de 20 van Hans’, die eerst in noordelijke richting loopt en dan afbuigt naar het zuiden. Het eerste gedeelte volgen we smalle paadjes die uitmonden in brede ‘Forstwegen’. Helaas komen we eenmaal in het dal op een kilometerslange asfaltweg en is mijn motivatie al snel tot onder het nulpunt gezakt. Eenmaal in Abenden vinden we een café dat open is en als even later de andere trailers aanschuiven, wordt het heel gezellig. Ik switch van groep en heb ‘s middags de grootste lol.

Vanuit Abenden is het even zoeken, maar dan mogen we steil de helling op. De houthakkers zijn hier flink actief geweest en het pad is op heel veel plaatsen versperd. We klimmen langs en over omgevallen bomen, helpen elkaar door de lastige passages heen en komen uit op een groot rotsplateau dat boven het dal uittorent. Het pad wordt nu vlakker, maar de omgevallen bomen halen de vaart er volledig uit. Pas als we langs een akker lopen, laten we alle omgevallen bomen achter ons. Via een afdaling over een groot veld komen we op een landweggetje dat naar de doorgaande weg leidt. Hier volgen we het enige stukje asfalt van vanmiddag en krijgen dan weer een lange klim door het bos. Eenmaal in de buurt van Nideggen komen we bij het klimgebied Effels. Het is prachtig zonnig weer, maar nog te koud om te klimmen. Via een smal wandelpad rennen we onder de burcht door en komen vlakbij de ingang weer op het burchtplein.

Bij de hut kun je nog heerlijk in de zon zitten, kijkend naar de toeristen die langskomen. Aan het einde van de middag wandel ik het burchtplein over en loop de steile trappen op naar de toren. Hier heb je een geweldig uitzicht op de omliggende omgeving en zie ik de zon achter de horizon zakken. Op zondagmiddag staan we klaar voor vertrek als ik me bedenk dat ik nog helemaal niet bij de Konditorei ben geweest! Ik haal iets lekkers voor thuis en als het de volgende keer iets warmer is, neem ik ook mijn klimspullen mee!

Met dank aan alle trailers voor de foto’s!

Trailrun devil’s kitchen

Devil's kitchen, trailrunning, Wales

Wind
Worstelend tegen de wind prik ik mijn stokken in de rotsige bodem en zet wankelend een paar stappen. Om mij heen zie ik alleen maar gras en stenen in een glooiend perspectief. Nergens een plek om even te schuilen voor de wind. Tot mijn verrassing sta ik na een paar meter op een duidelijk pad. Dan maar hier mijn windjack aantrekken. Met een voet sta ik op mijn beide stokken, zodat die niet wegwaaien. Mijn rugzakje klem ik tussen mijn benen en voorzichtig trek ik mijn jack eruit. Een mouw zit binnenstebuiten, maar de wind waait hem in een flits weer goed. Nu even stevig vasthouden, armen erin, rits dicht en wouw, wat een verschil. De wind neemt niet af, het zicht is nog steeds nihil, maar ik voel me comfortabel en ik ben weer op de goede weg.

Ochtendgloren
Een klein uur eerder ben ik gestart vanuit Nant Ffrancon valley in het Noorden van Wales. Het begint net licht te worden en na een kleine kilometer zie ik het trappetje (‘stile’ op zijn Brits) naast de weg dat over een hek heen leidt. Nog voordat ik bij het trappetje ben, zijn mijn voeten doorweekt. Even flitsen de trenchfeet uit de blogs van Maarten door mijn hoofd, maar zo lang ga ik vandaag niet op pad zijn! De helling is bezaaid met plukken gras en stenen en net als ik denk dat ik het pad volg, ben ik het alweer kwijt. Ik volg zoveel mogelijk de schapenpaadjes en moet op sommige stukken door heerlijk zompig terrein omhoog. Het wordt steeds steiler en ik ben heel erg blij met mijn geleende stokken. Ik zak nog steeds regelmatig tot over de helft in de drassige bodem weg, maar alleen met een stok!

Matsch

Langzaam stijg ik de wolken in en de wereld wordt steeds kleiner. De route heb ik op mijn horloge staan, maar ook op de kaart die ik had, stond geen echt pad. Ik volg dan ook meer de logica van de helling dan van het lijntje op mijn horloge. Ik weet dat ik ergens over een rand moet komen en dan op een langgerekte bergrug uitkom. Als de mist even een klein stukje optrekt zie ik dat ik bijna in het eind van een dal sta met allemaal enorme rotswanden om mij heen. Op hoop van zege volg ik weer een schapenpaadje omhoog, want hier terug naar beneden is ook niet fijn. Inderdaad loopt er een vaag spoor naar een pasje. Net onder de pas eet ik even een boterham, want ik verwacht dat ik eenmaal uit de beschutting geen gelegenheid meer krijg om rustig iets te eten. Tien minuten later stap ik onder toeziend oog van een handvol schapen over de rand van de bergrug en worstel tegen de wind in op zoek naar een plek om mijn jack aan te trekken.

Lijntjes volgen
De route is nu goed te volgen en loopt over de bergrug naar het zuiden afwisselend iets omhoog en omlaag. Een rotspunt omzeil ik over dikke rotsblokken en daar is het pad even weg, maar ik vind het snel weer terug. Ik loop over velden kort gemaaid gras, over ingesleten geulen en door drassige stukken grasland. Mijn stokken waaien regelmatig onder me weg en dan moet ik oppassen dat ik er niet over struikel. Opeens zie ik in de mist twee mensen voor mij opduiken. Tien seconden later zie ik dat het weer zo’n stile is waar ik overheen mag klimmen. Her en der schieten schapen voor mij weg, maar verder is het uitgestorven en grijs. Eenmaal op de top van Y Garn, het hoogste punt van mijn route, kan ik achter een muurtje even rustig wat eten. Op weg naar de laatste pas trekt de mist helemaal op en kan ik me snel op de kaart oriënteren waar ik de bergrug moet verlaten.

Devil’s kitchen
Bij het meertje Llyn Y Cwm volg ik het pad scherp naar links, devil’s kitchen in. Dit is een steile afdaling van 400 hoogtemeters over rotsblokken die als grote en kleine treden zijn geplaatst. De wind is hier weer gaan liggen en dat is wel fijn voor de concentratie. Ondanks mijn stokken verzwik ik toch mijn enkel bij een hoge afstap. Gelukkig is er een beekje een meter van het pad, dus hop, koelen. Gelukkig wordt mijn enkel niet dik en eenmaal bij het bezoekerscentrum besluit ik via een kleine, maar rustige omweg weer terug te lopen naar het begin van het dal. Vies, nat en uiterst tevreden schuif ik in de keuken aan voor een mok hete thee en een bak warme muesli. De radio laat knetterharde grungemuziek horen, maar bij die wind van vanochtend, valt die herrie best mee!

Lumoshelm

lumos, helm, licht, veilig, ReflectiveSport

Winactie
Een paar weken geleden kreeg ik van Vincent van ReflectiveSport een berichtje. Ik heb gewonnen! Ik blij natuurlijk. Prompt was ik niet thuis toen de postbode kwam, maar gelukkig kreeg ik op zondagavond van de buurman het pakje in mijn handen gedrukt. Hij was ook wel nieuwsgierig en hielp met openmaken. En daar was ‘tie dan! Een knalgele fietshelm! Maar het zou meer doen dan alleen mijn hoofd beschermen, alleen dat deed ‘tie toen nog niet. In de doos zit een snoertje en achterop de helm zitten een paar puntjes, dus aan de stekker.

Dag 1
‘s Ochtends is het nog donker als ik op de fiets naar mijn werk stap, dus kan ik mooi mijn Lumos-helm met lichtjes op. Na een paar keer proberen krijg ik de rode driehoek achterop in de steady-modus, want anders knipper ik de hele weg! Als ik bij het pontje kom, valt het me tegen dat ik niet direct door de pontbaas gespot wordt, maar die moet dan wel net uit het raam kijken! Op weg naar Amsterdam wordt het steeds drukker en het valt me op dat vooral de racefietsers naar mijn helm kijken. In de stad zelf staren kinderen me nieuwsgierig aan en krijg ik van een automobilist zelfs een duimpje!

Dag 2
Vannacht heb ik ook de remote aan de lader gelegd en die probeer ik in de schuur op mijn stuur te bevestigen. De lampjes op mijn helm geven echt een bak licht, want ik hoef de lamp niet eens aan te doen. Toch lukt het me niet om de remote te monteren, totdat ik erachter kom dat ik de houder op zijn kop probeer te monteren…

Nu wordt het echt lachen, want met de remote kan ik het linker- en rechterknipperlicht op mijn helm aanzetten. Ik vraag me af hoe efficiënt dat is, want ik rij op een vrijliggend fietspad. Ook wordt ik een beetje gestoord van het piepje dat bij elke klik in mijn helm klinkt en volgens mij moet ik nog steeds mijn arm uitsteken, dus ik laat het al snel achterwege.

Dag 5
Op de brug wordt ik ingehaald door een wielrenner die me uitmaakt voor kerstboom. Het zal wel, maar het valt wel op! Mijn fietsmaatje vindt het wel handig dat ze mij al van verre herkent en haar collega vindt de helm zelfs ‘onwijs gaaf’.

Vlak bij mijn werk hoor ik opeens vijf piepjes snel achter elkaar. Batterij leeg! Oeps. Nu voel ik me wel een stuk minder veilig. Gelukkig fiets ik in de middag nog in het licht naar huis en daarna gaat de helm weer aan de lader.

Week 2
De voordelen van de lampjes op de helm beginnen zich te bewijzen. Als ik bij de pont kom, ligt deze al aan mijn kant op mij te wachten. De pontbaas zag me al ruim voor de bocht aankomen, dus is hij alvast aan komen varen. Scheelt toch weer een paar minuten!

Helm004
Lumoshelm op de pont

Conclusie
Na twee weken dagelijks gebruik kan ik zeggen dat het mij meevalt om met een helm op te rijden. Mijn voorhoofd heeft dan nog wel een uurtje een paar strepen, maar dat trekt wel weg. Op mijn fiets hoef ik geen helm op, maar ik merk wel dat deze helm doet waar die voor staat: opvallen. Zowel de rij witte lampjes voor als de rode driehoek achterop zijn heel goed zichtbaar. De batterij gaat bij mij ongeveer vijf uur mee. De remote heb ik nog niet hoeven herladen.

Er zit ook nog een functie op de helm die ik niet heb uitgeprobeerd. Als je die aanzet gaan er achter op de helm rode lampen knipperen als je hard remt of opeens van richting verandert. Handig als je tussen het snelverkeer rijdt.